Heet van de naald

Ook op het internet zijn de dierenwelzijnswetten van kracht,
enkel wie daartoe gemachtigd is, kan soeverein over een (zwerf)dier beslissen

Strikt juridisch bekeken is het een particulier niet geoorloofd soeverein over het lot van een zwerfdier te beslissen. Artikel 9 § 1 van de dierenwelzijnswet is bijzonder duidelijk: “ieder persoon die een zwervend, verloren of achtergelaten dier opvangt, is verplicht dit binnen de vier dagen toe te vertrouwen aan het gemeentebestuur van de plaats waar hij het dier heeft opgevangen of dat van zijn woonplaats” en “het gemeentebestuur vertrouwt het dier zonder verwijl en naargelang van het geval toe aan een persoon die het een behoorlijke verzorging en huisvesting verzekert, aan een dierenasiel of dierentuin”. De bal ligt dus theoretisch in het kamp van de gemeentelijke overheid. In de praktijk wijst een gemeentebestuur echter bijna altijd een dierenasiel aan, waaraan zwerfdieren door de vinder rechtstreeks mogen toevertrouwd worden, zodat het zelf geen verdere stappen moet zetten; met zo’n dierenasiel wordt dan een samenwerkingsakkoord afgesloten.

Uit wat voorafgaat volgt dat een particulier die een zwerfdier opvangt, een inbreuk begaat op de wet als hij het niet spontaan toevertrouwt aan het gemachtigde dierenasiel en evenmin een document kan voorleggen waaruit duidelijk blijkt dat de gemeente het uitzonderlijk aan hem heeft toegewezen. Theoretisch riskeert hij hiervoor een boete tot 500 euro – in de praktijk wordt die wellicht maar uitzonderlijk uitgesproken wegens gebrek aan intentioneel element – en hij kan zich dan niet beroepen op de bepaling die stelt dat de houder van een zwerfdier na 15 dagen (voor asielen) of 45 dagen (in andere gevallen, behalve als het honden betreft) van rechtswege eigenaar wordt. Dieren worden weliswaar gekwalificeerd als roerende lichamelijke zaken waarop de theorie van de zaakwaarneming van toepassing is en je zou kunnen stellen dat de vinder de zaak van een derde, in casu de eigenaar, waarnam en dat die dus de kosten dient te vergoeden die voor de zaakwaarneming werden gedaan. We pleiten er echter voor dat de rechtbank hiervan afwijkt als duidelijk is dat de vinder met kennis van zaken het risico nam het dier zelf te behouden of het aan derden af te staan en dat  de oorspronkelijke, wettelijk erkende eigenaar in zo’n geval zijn rechten behoudt met alle mogelijke gevolgen van dien.

Vooral op Facebook zien we meer en meer oproepen verschijnen waarbij de regelgeving flagrant wordt geschonden. Mensen schrikken er niet voor terug een foto te plaatsen van een zwerfhond die ze onlangs in huis hebben genomen, met de boodschap dat ze er dringend een nieuw baasje voor zoeken. Die oproep alleen al is dus illegaal, want als vinder mag je niet soeverein beslissen over het lot van een zwerfdier: je mag je het dier dus niet toe-eigenen, je mag er geen nieuw baasje voor zoeken, meer nog, je mag het zelfs niet overmaken aan een vzw van jouw keuze binnen de dierenwelzijnsbeweging, ook al bezit die een erkenning, zelfs een erkenning als dierenasiel, je kan het enkel en alleen toevertrouwen aan het dierenasiel dat als partner fungeert voor het gemeentebestuur van de vind- of jouw woonplaats.

Daarbij komt nog dat het verboden is reclame te maken of advertenties te plaatsen met het oog op het verhandelen van onder meer honden en katten, tenzij als dat gebeurt in wat we noemen de “gespecialiseerde pers” (versta hieronder niet enkel de geschreven pers met als bekendste vaktijdschriften Woef en Hart voor Dieren, maar ook gespecialiseerde websites als Kattensite of Hondenpage) of wanneer dat gedaan wordt door personen die een “erkende instelling” bezitten, bijvoorbeeld de verantwoordelijken van een dierenasiel. En aangezien we Facebook bezwaarlijk een vorm van “gespecialiseerde pers” kunnen noemen en een particulier niet over een erkenning (i.e. een hk-nummer) beschikt, is het plaatsen van zo’n oproep een inbreuk op de wet. Voor alle duidelijkheid: we zijn er ons best van bewust dat niet enkel op Facebook, maar ook op allerlei andere sites een massa vergelijkbare inbreuken worden begaan. En dat verbod geldt uiteraard niet enkel voor wie een zwerfdier vindt, het is ook van toepassing voor alle occasionele kwekers (lees: particulieren die geen hk-nummer (kunnen) bezitten en maximum twee nesten per jaar laten geboren worden). Zij mogen dus enkel adverteren om die puppy’s of kittens weg te geven of te verkopen, wanneer ze de advertenties plaatsen in de gespecialiseerde pers en voor elk dier het identificatienummer vermelden. Zeker die laatste voorwaarde treedt men vaak met de voeten. De vraag, waarover tot op heden nog een enkele rechtbank zich heeft gebogen, is of men een facebookgroep, besloten of niet, kan beschouwen als gespecialiseerde pers. Wij denken alvast dat dit nooit het geval is. Bovendien blijft dan nog altijd de verplichting het identificatienummer te vermelden, verplichting die men bijna nooit naleeft binnen zo’n groep. Er is dus duidelijk nog heel wat werk aan de winkel…

De regelgeving, zoals hierboven uiteengezet, maakt geen onderscheid tussen honden en katten, maar niet elk poezendossier dient naar onze bescheiden mening per definitie met dezelfde gestrengheid benaderd.

Als het volwassen katten betreft, zien we niet direct een aanvaardbaar motief dat een onderscheid wettigt. Integendeel zelfs: wanneer een zwerfhond in het asiel belandt, gebeurt dat doorgaans omdat de vinder een hart toont voor dieren, maar als het gaat om volwassen poezen moet er altijd een belletje rinkelen: de vinder handelt dan niet zelden uit eigenbelang. Hij ervaart het dier als een plaag voor zijn tuintje, voor zijn nette veranda, kortom voor zijn eigen, innig gekoesterd, behaaglijk milieu en wil ze ver en voorgoed uit zijn buurt. Zo iemand deinst er echt niet voor terug de poes van zijn buur tientallen kilometers verder als zwerfdier te deponeren en het is daarom dat we ons dierenasiel vragen gezond wantrouwend te zijn als een wildvreemde een poes binnenbrengt; de kans dat ze haar baasje ooit nog te zien krijgt, is immers niet hoopgevend groot. Wie naar eigen zeggen een volwassen poes heeft “gevonden” heeft dus geen recht op faciliteiten, hij dient zich net aan dezelfde (strenge) regels te houden die voor de hondenwereld van toepassing zijn. Vooral omdat eigengereid, dus illegaal optreden wel eens durft te ontaarden: sommige “kattenmadammen”, vaak zonder erkenning in dubieuze groepen en groepjes verenigd, tasten op Facebook als zelfverklaarde dierenvrienden niet meer behoedzaam de grenzen af, maar gaan wel eens over tot betreurenswaardige acties waarvan echte dierenvrienden en hun troetels finaal het slachtoffer worden. Enige waakzaamheid is dus geboden!

De meeste gemeenten dulden al decennia lang geen loslopende honden op straat, men vindt maar uitzonderlijk een nestje levende “zwerfpups” in de vrije natuur, er bestaat dus gelukkig geen zwerfhondenprobleem, vergelijkbaar met dat binnen de poezenbevolking. Alleen al omdat de capaciteit van de dierenasielen wellicht ontoereikend zou blijken om alle kittens een toekomst te bieden, past het tegenover dierenvrienden die zich, met goede intenties bezield over een gevonden nest kittens ontfermen en hierbij even buiten de juridisch bepaalde lijntjes gaan kleuren, toch wat begripvol te zijn.

In principe mag men kittens sinds 1 september 2014 pas weggeven of verkopen nadat ze geïdentificeerd en onvruchtbaar gemaakt zijn, tenzij een erkende kweker ze koopt. Deze regelgeving, hoe schitterend ook, heeft echter momenteel nog een spijtig neveneffect: een particulier bij wie toevallig een nestje geboren wordt, kan die diertjes eigenlijk niet meer zo maar afstaan in een dierenasiel. Hij moet in principe zelf zorgen voor identificatie en castratie/sterilisatie vooraleer het asiel ze mag aanvaarden, nog anders verwoord: puur formeel gezien gaat een asiel in de fout als het zo’n nestje opvangt om de kittens een tweede kans te geven en te voorkomen dat men ze dumpt. De cel Dierenwelzijn bij de Vlaamse Overheid bevestigt ons bij monde van haar diensthoofd, dr Eric Van Tilburgh, dat dit hiaat in de wetgeving bij zijn dienst gekend is en dat een oplossing voorbereid wordt. We pleiten ervoor dat men aan de regelgeving gewoon toevoegt dat asielen onbehandelde kittens mogen aanvaarden en dat ze naar eigen voorkeur de voorwaarden hiervoor bepalen: van helemaal geen of een eerder symbolische vergoeding waarbij later de adoptant de nota vereffent, tot een wellicht gepeperde afstandsbijdrage waarin alle kosten gevat zijn, wat de portemonnee van de adoptanten dan weer ten goede zal komen. Of een gulden middenweg uiteraard die beide partijen bevredigt.

Als we ons wat gevonden nestjes betreft alleen maar rigoureus door de wet laten leiden, verliezen we echt wel een beetje de realiteit uit het oog. Daarom moeten we wat begrip kunnen tonen voor echte dierenvrienden die met de allerbeste intenties bezield, zich over een paar gevonden kittens ontfermen om ze op een misschien niet altijd echt legale manier zelf een goede thuis te bezorgen. Maar ook voor hen gelden basisregels die moeten nageleefd worden. Zo is het al jaren bij wet verboden katten jonger dan zeven weken te verhandelen of gratis weg te schenken. Op dat vlak kunnen en mogen we echt geen toegevingen doen. En toch zijn er mensen die kittens van drie weken oud scheiden van de nestgenootjes om ze aan kennissen uit te delen. Dat is verwerpelijk en zulke praktijken moeten beteugeld worden, ook al omdat die diertjes op zo jonge leeftijd uiteraard niet gecastreerd of gesteriliseerd kunnen zijn, een regel waarvan de naleving ook in elk dossier afdwingbaar moet blijven. Eigenlijk mag je geen babykitten scheiden van moeder en nest omdat hierdoor het mentale en ook het fysieke welzijn geschaad wordt. Wie de tijd heeft om zich te ontfermen over één enkel kitten, vindt met wat hulp wel een oplossing voor het hele nest. Er is dus niet echt een excuus om onverstandig te zijn. En heb je advies nodig voor de verzorging of heb je zelf niet voldoende tijd om alle diertjes de nodige zorgen te geven, contacteer dan een dierenasiel voor je wat dan ook onderneemt. Als ook elke politiezone in die zin de vinders van nestjes wil adviseren, als we op die manier kunnen voorkomen dat moeder en kittens gescheiden worden voor die kleintjes zelfredzaam zijn, dan zetten we weer een stapje vooruit.

Momenteel bestaat er hoe dan ook nog een heus zwerfkattenprobleem. De wetgeving die identificatie en castratie/sterilisatie verplicht zal op termijn weldadig blijken. Jammer genoeg worden de kopers van poezen momenteel in de praktijk nog een beetje misleid: er bestaan uiteraard databanken waar je een poes kan registreren, maar het is wachten op één erkende kattendatabank naar analogie met die voor de honden vooraleer we kunnen beloven dat elke geïdentificeerde zwerfpoes weer bij het baasje geraakt en durven beweren dat zo’n register juridisch waardevol is. Als we dan nog kunnen bereiken dat de regelgeving rond die erkende databank nageleefd wordt en als alle gemeenten aandacht blijven schenken aan castratie en sterilisatie binnen een verantwoord zwerfkattenbeleid, mogen we ervan dromen dat ook de poezenbevolking op weg is naar een betere toekomst.

Donald Stevens