Pleidooi voor de asielhond: enkele merkwaardige getuigenissen

Mira, een droom van een hond

januari 2001

Hierbij zou ik u mijn hond Mira willen voorstellen. Mira is een Collie van vier jaar die sinds 13 februari 2000 deel uitmaakt van ons gezin en ons dagelijks enorm veel vreugde bezorgt. Ik schrijf dit artikel als dank aan het asiel in Aarschot en omdat ik zou willen reageren op het artikel dat verscheen in het driemaandelijks tijdschrift van de Vlaamse Vereniging voor Dierenbescherming in verband met een geadopteerde Rottweiler. Er zijn veel mensen die bevooroordeeld zijn ten overstaan van honden die uit een asiel komen. Nochtans zijn deze dieren, die soms teleurgesteld zijn in ons, mensen, de meest dankbare. Ik geef toe dat ik een uitzonderlijk geluk heb gehad een lieve, gehoorzame en weliswaar ook kalme hond als Mira te vinden, maar ik heb er dan ook lang over gedaan vooraleer te beslissen. Ik ben ervan overtuigd dat een dier dat uit een asiel komt, beseft dat u zijn redding was en indien u er goed voor bent, kan u gedurende meerdere jaren in harmonie samen leven.

Het is spijtig dat veel mensen ondoordacht een huisdier kopen omdat ze het aanvankelijk tof vinden zo’n jong hondje of katje te bezitten of om hun kinderen plezier te doen. Nochtans zijn dieren niet geschikt als speelgoed en worden ze spijtig genoeg door veel kleine kinderen gepest zonder dat de ouders de kinderen terechtwijzen. Maar ook komen veel mensen te laat tot het besef dat ze "een last" op hun schouders genomen hebben en dat het niet de kinderen zijn, maar zijzelf die ervoor moeten opdraaien. Dus een goede vraag voor mensen die twijfelen: bent u bereid veertien à twintig jaar een klein offer te brengen in ruil voor veel dankbaarheid of vriendschap van een huisdier of bent u van het type die rap iets beu is?


Ik heb er zelf een jaar over gedaan om te beslissen. Ik had eerst een Duitse Dog van vijf maanden willen adopteren die een dierenarts bij mij gebracht had omdat ie hem anders zou afmaken. Nochtans had deze heer gezien dat ik in een etagewoning met houten draaitrap woonde en ik veronderstel dat ie ook wist dat Duitse Doggen de eerste twee jaar geen trappen mogen doen. Met als gevolg dat diezelfde avond de hond bij het laatste keer buitengaan en ondanks het feit dat ik hem aan de lijn had, van de trap gestuikt is. Gelukkig zonder iets te breken maar ik besefte zelf dat als ie nog zou groeien het risico groot was dat hij zich een volgende keer dodelijk zou verwonden. Ik heb dan, ondanks het feit dat we dolgoed met elkaar konden opschieten, zo snel mogelijk mijn vriendin gecontacteerd

Ik wou immers vermijden dat het dier zich te zeer aan mij zou hechten en ik wist dat zij hem gezien had en ze zelf op zoek was naar een geschikt huisdier. Hun leefruimte is volledig op het gelijkvloers met een veel grotere tuin dan de mijne. Hoewel zij gedacht hadden aan een klein konijntje of een poesje, zijn ze voor de charmes van Arthur bezweken en had ik ondertussen nog de gelegenheid om hem wekelijks te bezoeken. Doch hoewel ik dit dier slechts 24 uur bij mij had, heeft het me meer dan een jaar gekost om hem te kunnen vergeten. Elke morgen stond ik met een schuldgevoel op, en volgens mijn vriend lag ik elke nacht te huilen. Ik had tijd nodig om hem te vergeten, evenzeer als iemand die zijn huisdier kwijt geraakt door een natuurlijke dood. Ook aan deze mensen raad ik aan om een rouwperiode te doorlopen, anders riskeer je je nieuwe dier te vergelijken met het overleden dier dat automatisch altijd op het voorplan zal komen te staan. Omdat dieren heel gevoelig zijn, veel gevoeliger dan de meeste mensen, voelen zij systematisch aan dat ze eigenlijk maar een vervangend product zijn en gaan zij zich ook moeilijk gedragen of zich ongelukkig terugtrekken.

Om een verhaal kort te houden: na één jaar bijna alle dierenasielen in België bezocht te hebben met het idee een Duitse Dog van twee jaar te adopteren kwam ik per toeval in Aarschot terecht. Ik zag onmiddellijk dat de kooien goed onderhouden waren en nadien keek ik of de aanwezige mand erg stukgebeten was en of de hond agressief reageerde. Mira is zo lief en aanhankelijk dat ik nog steeds niet kan begrijpen hoe iemand zo’n dier kan achterlaten, want er is echt geen reden om zo’n prachthond te verlaten. Ik veronderstel dat de vorige eigenaars oudere mensen waren die haar voor gezondheidsreden niet langer konden bijhouden, want ze was erg goed opgevoed en zeer gehoorzaam. Ik zie haar zelfs zo graag dat ik op zoek ben naar een metgezel voor haar. Ze houdt enorm veel van kleine Malthezers en Shih-Tzu hondjes. Vandaar dat ik nu uitkijk naar zulke diertjes hoewel ik zelf liever grote honden zie, want zelfs Mira vind ik klein. Ik zou liever een Berner Sennenhond willen adopteren of een andere mannelijke (zwarte) Collie, maar zij zal zelf haar metgezel mogen kiezen, want ze mag zich niet verstoten of ongelukkig gaan voelen. De bedoeling is om de wachttijd op haar baasjes in te korten en haar een speelcompagnon te bezorgen met wie ze duizend en één dingen kan doen. Natuurlijk zal deze nieuwe compagnon ook moeten verdraagzaam zijn tegenover mijn andere huisdieren - de kat, het konijn en de kanarie - die eveneens deel uitmaken van ons gezin. Het liefst nam ik een dier van ongeveer twee jaar omdat zulke honden ook meestal minder stukbijten vermits hun tanden reeds gevormd zijn.

Zoals reeds gezegd, meestal kan men uit de kooi veel opmaken. Als ie tussen zijn uitwerpselen leeft, is er meer risico dat ie onzindelijk zal zijn omdat ie ondertussen al gewend is om in de drek te leven. Een jonge hond maakt veel stuk uit verveling en heeft veel speeltjes nodig die hij niet volledig kan opeten. Dus liefst geen zachte plastiek spullen of dingen die hij kan inslikken. Vermijd persoonlijke dingen zoals kousen of schoenen te geven want de hond maakt geen onderscheid tussen oud en nieuw. Hij maakt wel een onderscheid tussen wat hem of u toebehoort. Indien hij uw spullen steelt, getuigt dit van een gebrek aan respect voor u of het feit dat hij u mist, en in dat geval kan het toekennen van een oud kledingstuk in zijn mand of de aanschaf van een metgezel een oplossing zijn.

Geef nooit snoepgoed aan uw hond opdat ie iets zou loslaten. Zoniet maakt ie er een gewoonte van iets te stelen om een snoepje te krijgen. Hij vat dit op als een beloning en zal steeds verder doen met in zijn achterhoofd het feit dat ie een snoepje zal krijgen. Het beste is met de hond te gaan wandelen voor u hem meeneemt of adopteert. Zo ziet u of ie goed luistert. Als ie als een bezetene aan de lijn trekt kan een korte ruk noodzakelijk zijn. Het is niet de hond die u moet uitlaten, maar wel u die de hond uitlaat. Als ie trekt getuigt dit eveneens van onvoldoende respect voor zijn meester. En tot slot: een afstraffing die gegrond is, kan zeker geen kwaad, maar ze moet gerechtvaardigd zijn. U kunt van een dier geen onmogelijke dingen verwachten. Een dier dat gestraft wordt moet beseffen waarom ie gestraft wordt. En meestal laat het onmiddellijk zien dat ie iets mispeuterd heeft. Probeer hem duidelijk te maken waarom u boos bent en sla nooit met zijn lijn, een stok of uw handen, anders kan ie vals gaan reageen. De beste manier een dier te straffen is uw stem te verheffen en zodra ie onderdanig is hem een tijd te ignoreren.

Ik zou de mensen van de dierenbescherming nogmaals willen danken voor mijn aanwinst en zoals u op bijgaande foto kunt vaststellen heeft Mira het bij ons best naar haar zin.

Linda Peetroons, Vilvoorde

Enkele vragen zijn onontbeerlijk voor mensen die erover denken een huisdier aan te schaffen:

 

Ons Tsjoepke

april 2001

Naar aanleiding van de bijdrage "Mira, een droom van een hond" van mevrouw Peetroons uit Vilvoorde in Protego 82, wil ik graag het volgende verhaal kwijt aan de lezers.

Na het overlijden van onze Duitse Dog bleef onze tweede hond alleen achter. Daar we zelf enorme dierenvrienden zijn, wisten we dat dit niet voor lang zou zijn. Ik had niet echt een bepaald ras in gedachten, dus stelde ik mijn man voor om eens langs de asielen te rijden. Dat hebben we dan ook gedaan: naar Weelde, Tienen en Antwerpen. Voor mij was het een hele opgave want, geloof het of niet, al die dieren, klein of groot, zitten je aan te kijken met een snuitje van "neem mij, neem mij".

Enfin, we hadden wel een soort profiel opgesteld. Je moet namelijk weten dat onze Thor, een Argentijnse Dog, een vrij dominante reu is. Voor ons is ie de beste hond die iemand zich kan wensen, maar "indringers" moeten echt uitkijken! We gingen dus op zoek naar een teefje, niet te oud, kortharig (ik ben allergisch voor honden), ras van geen belang en liefst vrij onderdanig om zo de confrontatie te vergemakkelijken. Tientallen honden hebben we gezien, maar niet geschikt omwille van onze Thor.

Tot we in Aarschot kwamen. Een van de medewerkers zei dat we overal mochten rondkijken en als we iets wilden weten, moesten we het maar vragen. O.K., we begonnen eraan: Mechelaars, Rottweilers, alle mogelijke kruisingen… en toen een vrij groot hok waar een viertal honden samen logeerden. Daar zag ik haar, ons Tjoepke. Voor mij was de zaak al vlug bekeken, maar mijn man zei eerst eens te kijken hoe ze zich gedroeg met de andere honden. Die waren namelijk net aan het eten. Er zat een vrij dominante teef bij: als Tsjoep at en die teef kwam erbij, stond mijn hondje direct haar plaats af. Ook in haar gedrag tegenover ons kon je zien van "deze hond is geen held". Met andere woorden: de perfecte huisgenote voor onze Thor. Dus gingen we in het kantoor informeren: Tsjoep was vier maanden oud, een kruising Labrador – Duitse Herder en afgestaan als "overschot van een nest".

In een andere rij hokken had ik nog een hondje gezien, ook een kruising en eveneens een schatje. Het werd dus een moeilijke keuze, want ook die hond voldeed aan het vooropgestelde profiel. Op dat moment moet je van je hart een steen maken en elke dierenvriend weet hoe moeilijk dat is. Maar Tsjoep had mijn voorkeur; waarom weet ik niet, maar het klikte. We spraken af dat we haar vrijdagavond kwamen halen, we moesten thuis nog het één en ander in orde maken wat betreft accommodatie en op vrijdag begon het weekend, dus tijd genoeg om ons met onze nieuwe huisgenoot bezig te houden.

Vrijdag gingen we haar dus halen. Thuisgekomen was het grote moment daar: de confrontatie… Onze Thor was toen 1,5 jaar oud en na het nodige gesnuffel en wat zenuwachtig gedoe was het duidelijk: dit was zijn teefje! Onafscheidelijk werden die twee, vooral onze Tsjoep heeft zo de mentaliteit van "ik zal mijn grote broer eens gaan halen". Die twee ravotten altijd. Onze dominante reu, die al ruzie zoekt als een andere hond zijn staart te hoog draagt, ging nu gewillig op zijn rug liggen zodat Tsjoep zijn nekvel eens duchtig kon bijwerken met haar tanden. Het is natuurlijk wel zo dat Thor boven haar staat in rangorde, maar dat zal haar worst wezen, er is nog nooit machtsvertoon geweest tussen de twee om dat te veranderen. Ze kent gewoon haar plaats, maar mag alles doen wat ze wil, Thor weet toch dat ze geen bedreiging vormt voor zijn leiderschap. Tsjoep is ook gesteriliseerd, zodat we geen "ongelukjes" konden verwachten!

Ik weet dat een asieldier je een enorme vriendschap kan geven

Waarom nu deze bijdrage? Het verhaal van Linda kwam mij heel bekend voor, vooral het feit dat heel veel mensen inderdaad vooroordelen hebben tegen asielhonden. "Je weet niet wat die hebben meegemaakt," zeggen ze dan. Ik weet wel dat een hond die jarenlang mishandeld geweest is, niet op één, twee, drie opgevoed is tot de ideale huishond. Maar ik weet ook dat een asieldier je een enorme vriendschap kan geven. Ze weten gewoon dat jij ze "gered" hebt. Je moet er soms wel wat geduld mee hebben, maar dat is met andere dieren ook zo. Een voorbeeld: onze Tsjoep was zo onderdanig dat, als mijn man (hij heeft een zware stem) tegen haar sprak, ze spontaan alles liet lopen. Dat heeft echter niet lang geduurd. Als er met haar gespeeld werd, zorgde mijn man dat ie tegen haar sprak met verschillende stemmen. Het probleem was erg snel verholpen, het was gewoon een kwestie van vertrouwen geven. Persoonlijk vind ik het een goed idee om met de hond naar een hondenschool te gaan. Je leert er zelf het gedrag van de hond begrijpen, de band met je huisgenoot wordt sterker en voor de hond is het een uitstekende sociale training. Onze Tsjoep heeft de hondenschool doorlopen en heeft een gehoorzaamheidsbrevet én een agilitybrevet gehaald. Asieldieren hoeven dus niet onder te doen voor "gewone" honden. Informeer en ga eens naar de lessen kijken, zo weet je waaraan je begint en kom je niet voor verrassingen te staan.

Tot slot wil ik alleen nog zeggen dat ik voor mijn volgende honden zeker weer langs ga in het asiel. De dankbaarheid van die dieren is gewoon niet te beschrijven en je geeft jezelf een goed gevoel wanneer je een "sukkelaar" een nieuwe thuis geeft. Toch moet je weten waaraan je begint: een dier heb je niet voor een maand maar voor de rest van zijn leven! Je moet er dus opofferingen voor doen, maar je krijgt er ook heel veel voor terug. Informeer echter vooraleer een hond te kopen als een kip zonder kop om die dan na een maand in een asiel te dumpen omdat ie "te groot wordt" of omdat ie "niet luistert"... Ook hier geldt: verzin eer je begint!

Barbara Van den Bliek – Devisscher, Vosselaar

 

Pitoe, de held uit ons dierenasiel

juli 2002

Op 15 februari 2002 haalden we bij u een hond af voor mijn moeder. Hij kreeg van haar de naam Pitoe. Het was een heel lieve, levendige hond. Er was maar één probleem: vooraleer hij drie dagen bij mijn moeder was, liep Pitoe wel zes keer weg. Overal baande hij zich een weg door, hij knaagde de deur onderaan af, wurmde zich door een klein gaatje in de draad en wist telkens te ontsnappen. Blaffen deed hij ook niet, enkel wat meewarig janken. Moeder twijfelde al aan zijn kwaliteiten als waakhond en gaf hem nog een week respijt om zich aan te passen...

Op 25 maart heeft Pitoe echter een heldendaad verricht. En ik vond dat ik dit jullie moest melden. Mijn moeder, tachtig jaar en alleenstaande, was die namiddag op bezoek geweest bij een kennis. Toen ze rond 18 uur thuiskwam, ging ze vooraleer zelf te eten toch eerst maar een klein wandelingetje maken met Pitoe in de grote tuin. Toen ze zo'n honderd meter van huis weg was, "struikelde" ze en viel. Ze probeerde rechtop te komen, maar het gelukte haar niet. Ze viel opnieuw neer met haar aangezicht in het gras. Ze riep om hulp, maar tevergeefs.

Haar broer, die naast haar woont, was binnen in zijn huis en niemand hoorde haar. Het werd al snel donker en koud. Het ging vriezen. Na een tijdje had ze ook de kracht niet meer om de riem van Pitoe langer vast te houden. Ze dacht: "Nu loopt hij weg en ben ik helemaal alleen. Niemand zal me hier vinden en ik lig hier voor de hele nacht." Maar Pitoe, die anders niets liever deed dan op ontdekkingstocht te gaan, bleef bij haar. Hij likte haar gezicht en blafte om hulp. Af en toe liep hij even weg - waarschijnlijk naar huis om hulp te zoeken - maar telkens kwam hij terug. Hij bleef trouw bij haar, vleide zich tegen haar aan en blafte om hulp.

Enkele uren gingen voorbij. Toevallig zag mijn oom een tijdje later dat hij een lamp in een schuurtje had laten branden en ging naar buiten om ze te doven. Plots hoorde hij Pitoe blaffen vanuit een richting, waar hij normaal niet thuis hoorde. Hij dacht dat de hond weer ontsnapt was en ging bij mijn moeder aan huis kijken. Daar zag hij dat het hok openstond en ook de buitendeur van de woning. Hij wist dat er iets fout was. Hij nam een zaklamp en ging op het geblaf af. Toen hij bijna bij moeder was, liep Pitoe hem tegemoet en leidde hem naar zijn bazin. Ze was gered. Na onderzoek door de dokter hebben we haar naar het ziekenhuis laten brengen. Ze was niet gewoon maar gestruikeld in het gras, maar ze bleek een hersenbloeding te hebben gehad, waardoor ze halfzijdig verlamd was. Ondertussen gaat het al iets beter met haar, hoewel er nog een lange revalidatie zal volgen.

De grote held in dit verhaal is Pitoe, de speelse hond die bij haar bleef en haar warm hield met zijn lichaam. Moeder had enkele uren buiten in het gras gelegen en was onderkoeld. Zonder het geblaf van de hond had niemand haar gevonden en was het zeker fataal afgelopen. Pitoe is nu voor de hele familie een held en wordt op handen gedragen.

Hoe trouw kan een hond zijn? Amper een maand was Pitoe bij mijn moeder, maar hij redde haar leven door trouw bij haar te blijven en te blaffen om hulp. Toen ik 's anderdaags met Pitoe ging wandelen, trok hij meteen naar de plek waar moeder gelegen had en begon wild tegen me op te springen en te blaffen om als het ware te zeggen: "Hier was het gebeurd en waar is ze nu gebleven?" Jammer dat we de hond niet tot bij mijn moeder kunnen brengen in het ziekenhuis. Mocht moeder niet meer in staat zijn om zelfstandig te wonen, dan zal Pitoe zeker een thuis vinden, want iedereen heeft de mond vol van "Pitoe, de redder van bomma". Maar hopelijk komt het allemaal nog goed met mijn moeder en kan ze weer voor Pitoe zorgen en er mee gaan wandelen.

Dit verhaal moesten we jullie gewoon vertellen. We dachten dat alleen de honden op televisie zulke heldendaden konden verrichten, maar neen, het bestaat echt. We hebben het leven van moeder te danken aan Pitoe, de hond uit jullie asiel…

Nicole Geuens, Beringen

Naschrift

april 2003

 

Deze week is het precies één jaar geleden dat mijn moeder door toedoen van Pitoe werd gered. Na zes maanden revalidatie is moeder nu al een half jaar weer thuis. Pitoe werd al die tijd verzorgd door onze buur-nonkel. Ook nu nog geeft hij hem iedere dag eten. Zelf maken we lange wandelingen met Pitoe. Hij waakt weer verder over het welzijn van ons moeder die nu in een rolstoel zit. Met de nodige bijstand slaagt ze erin om nog zelfstandig te wonen. Eén jaar na wat moeder is overkomen en waarover we in een vorig nummer van Protego een bijdrage schreven, brengen we opnieuw hulde aan Pitoe, onze lieve, trouwe vriend uit jullie dierenasiel.

Nicole Geuens, Beringen

 

Het dierenasiel verdient ons vertrouwen

januari 2006

Mevrouw Paula heeft twee honden: een reu van vier jaar en een teefje van zeven jaar. Nu hebben die pups. Ze wil er misschien eentje voor zichzelf houden. Ze vroeg aan mij of ik geen pup moest hebben. Ik wil enkel een hond uit het asiel en dan nog wel een oudere van drie of vier jaar en het ras speelt helemaal geen rol. Paula kan dat niet begrijpen. Een hond uit het asiel! Ge weet nooit welk karakter ze hebben. Volgens haar is dat niet te vertrouwen. Zodus, ze krijgt van haar honden twaalf pups. Amai, wat daarmee te doen? De dierenarts laat er zes inslapen. Nu heeft ze er nog zes. Er kunnen er vier geplaatst worden bij vrienden. En de twee andere? Eentje voor haar en het andere moet naar het asiel. Of alle twee naar het asiel! Zodus, van Paula moesten er nu twee lieve, brave hondjes van haar eigen kweek weg. Nu was het asiel plots zeer geschikt...
Mensen, het karakter van een dier zit er al van bij de geboorte in. Of ze nu thuis of elders gekweekt worden, dat maakt geen verschil. De opvoeding doet natuurlijk heel veel. Een hond uit het asiel van twee, drie, vier jaar of ouder is prima. Die honden zijn proper en luisteren. Ze moesten thuis weg omdat ze te groot waren voor op het appartement of na een scheiding of bij een verhuis naar een woonst waar er geen dieren toegelaten zijn. Die dieren zijn zo gelukkig met de nieuwe thuis die ge hun geeft, dat ze u altijd zeer dankbaar blijven. Voor mijn hond is het bij ons zijn vierde thuis. Eerst was hij een kerstgeschenk, maar hij werd te groot. Zijn tweede thuis was het asiel. Zijn derde thuis vond hij bij een slechte baas en nu, in zijn vierde thuis, heeft hij de hemel op aarde. Het asiel is een opvangcentrum waar onze viervoeters veilig, warm en droog altijd te eten en te drinken krijgen en waar ze altijd vriendelijk verzorgd worden, maar het mag maar een tijdelijk onderkomen zijn. Het dierenasiel verdient ons vertrouwen, dus geen slecht woord over het dierenasiel.

Renée Deleu-Engels, Langdorp